Waarom zijn er steeds meer kwallen?
11 maart 2026
Meer kwallen dan ooit?
Wie regelmatig aan het strand komt, heeft het waarschijnlijk al gemerkt: er lijken steeds meer kwallen te zijn. Strandwandelaars struikelen over aangespoelde oorkwallen, zwemmers worden vaker gestoken, en in drukke kwallenzomers hebben reddingsbrigades het er druk mee. Maar klopt dit beeld? En zo ja, waardoor komt het?
Het korte antwoord: ja, in veel zeeën wereldwijd nemen kwallenpopulaties toe. De oorzaken zijn complex en verweven met enkele van de grootste milieuproblemen van onze tijd. In dit artikel ontrafelen we de factoren die bijdragen aan de kwallenexplosie.
Overbevissing: minder concurrenten voor kwallen
Een van de belangrijkste oorzaken van de toename van kwallen is overbevissing. Vissen en kwallen concurreren om dezelfde voedselbronnen: zoöplankton, vislarven en andere kleine organismen. Wanneer vispopulaties afnemen door overbevissing, blijft er meer voedsel over voor kwallen.
Maar het effect gaat verder dan alleen concurrentie. Veel vissoorten eten ook kwallen en kwallenlarven. Makreel, horsmakreel, zalm en diverse andere vissoorten houden kwallenpopulaties van nature in toom. Als deze vissen weggevangen worden, valt een belangrijke rem op de kwallengroei weg.
Het kantelpunt-effect
Onderzoekers spreken van een kantelpunt (tipping point) in mariene ecosystemen. Wanneer de vispopulatie onder een bepaald niveau zakt, nemen kwallen explosief toe. Die kwallen eten vervolgens de larven en eieren van vissen, waardoor de vispopulaties zich moeilijker herstellen. Dit creëert een vicieuze cirkel die lastig te doorbreken is.
Dit fenomeen is al waargenomen in onder andere de Zwarte Zee, waar eind jaren tachtig de ansjovisvisserij instortte, samen met een explosie van de ingevoerde Amerikaanse ribkwal.
Klimaatverandering: warmere zeeën, meer kwallen
De Noordzee warmt op. Volgens het KNMI is de Noordzee sinds 1950 meer dan een graad warmer geworden, en sinds 1984 stijgt de temperatuur met ongeveer 0,4°C per tien jaar. Dit heeft meerdere effecten op kwallen:
- Snellere voortplanting: hogere temperaturen versnellen de levenscyclus van kwallen. Poliepen snoeren eerder en meer kleine kwalletjes af.
- Langer seizoen: kwallen verschijnen eerder in het voorjaar en blijven langer in het najaar.
- Nieuwe soorten: warmteminnende kwallensoorten breiden hun leefgebied naar het noorden uit. De Japanse kruiskwal is hier een voorbeeld van.
- Minder zuurstof: warmer water bevat minder opgelost zuurstof. Vissen hebben hier last van, kwallen veel minder — zij zijn toleranter voor zuurstofarme condities.
Vervuiling en eutrofiëring
De toevoer van voedingsstoffen (stikstof en fosfaat) naar de zee via rivieren, landbouw en rioolwater leidt tot eutrofiëring: een overmatige groei van algen en plankton. Dit is gunstig voor kwallen om meerdere redenen:
- Meer plankton betekent meer voedsel voor kwallen.
- Algenbloei kan leiden tot zuurstofarme zones (dode zones) waarin vissen sterven maar kwallen overleven.
- Troebeler water door algenbloei belemmert visuele jagers (vissen) meer dan kwallen, die hun tentakels passief door het water laten slieren.
Kunstmatige structuren: meer leefgebied voor poliepen
Een minder bekende maar significante factor is de toename van kunstmatige structuren in zee. Windmolenparken, boorplatformen, steigers, havenmuren en strandhoofden bieden allemaal hard substraat waar kwallenpoliepen zich op kunnen vestigen.
De poliepfase is de bottleneck in de levenscyclus van veel kwallen: hoe meer geschikte vestingingsplaatsen, hoe meer poliepen, en hoe meer kwallen er uiteindelijk worden geproduceerd. De enorme uitbreiding van offshore windparken in de Noordzee zou daarom onbedoeld bijdragen aan grotere kwallenpopulaties.
Verminderde predatie door zeeschildpadden
Zeeschildpadden, met name de lederschildpad, zijn gespecialiseerde kwalleneters. Een volwassen lederschildpad kan honderden kilo's kwallen per dag eten. Door de wereldwijde achteruitgang van zeeschildpaddenpopulaties door jacht, bijvangst en vervuiling (plastic zakken worden aangezien voor kwallen) is een belangrijke natuurlijke vijand van kwallen sterk afgenomen.
Invasieve soorten
De globalisering van scheepvaart heeft ervoor gezorgd dat kwallensoorten zich over de hele wereld verspreiden. Via ballastwater van vrachtschepen worden kwallenlarven en poliepen van het ene naar het andere zeegebied getransporteerd.
Een bekend voorbeeld is de Amerikaanse ribkwal (Mnemiopsis leidyi), die vanuit de Amerikaans oostkust naar de Zwarte Zee, Kaspische Zee en uiteindelijk de Noordzee is verspreid. In de Zwarte Zee veroorzaakte deze invasieve soort ecologische ravage.
Is het echt erger dan vroeger?
Het is belangrijk om nuance aan te brengen. De waarneming dat er 'meer kwallen' zijn, wordt gedeeltelijk vertekend door:
- Meer monitoring: apps en meldpunten maken het makkelijker om kwallen te rapporteren.
- Meer strandgangers: meer mensen aan het strand betekent meer waarnemingen.
- Mediaverslaggeving: kwallenplagen genereren meer media-aandacht dan voorheen.
Desondanks bevestigen langetermijnonderzoeken dat er wereldwijd in veel zeegebieden een reële toename van kwallen plaatsvindt. Een studie uit 2012 in het tijdschrift Hydrobiologia (Brotz e.a.) vond voor 28 van de 45 onderzochte grote zeegebieden een toename sinds 1950. Andere onderzoekers wijzen er wel op dat kwallenaantallen ook van nature in cycli op en neer gaan.
Wat kunnen we eraan doen?
De toename van kwallen is een symptoom van grotere problemen in onze zeeën. Effectieve maatregelen richten zich daarom op de onderliggende oorzaken:
- Duurzame visserij: het herstel van vispopulaties is cruciaal om het natuurlijke evenwicht te herstellen.
- Vermindering van vervuiling: minder stikstof en fosfaat in het zeewater beperkt algenbloei en zuurstofloze zones.
- Klimaatactie: het beperken van de opwarming van de aarde vertraagt de verschuiving van kwallenpopulaties.
- Bescherming van zeeschildpadden: het in stand houden van natuurlijke kwallenpredatoren.
Kwallen zijn niet de schurken in dit verhaal — ze zijn opportunisten die profiteren van de veranderingen die wij in de oceanen veroorzaken. De toename van kwallen is uiteindelijk een spiegel van de gezondheid van onze zeeën.
Kwallen als hulpbron?
Interessant genoeg biedt de kwallentoename ook kansen. Onderzoekers verkennen hoe kwallen nuttig kunnen worden ingezet:
- Voedsel: in Azië worden kwallen al eeuwenlang gegeten. Europese onderzoekers experimenteren met kwallen als duurzame eiwitbron.
- Cosmetica: kwallencollageen wordt onderzocht voor gebruik in huidverzorgingsproducten.
- Waterfilters: het slijm van kwallen kan microplastics uit water filteren — een veelbelovende toepassing.
- Medicijnen: bioactieve stoffen uit kwallengif worden onderzocht voor farmaceutische toepassingen.
- Kunstmest: aangespoelde kwallen bevatten stikstof en fosfor en kunnen als meststof worden gebruikt.
Door kwallen niet alleen als probleem maar ook als hulpbron te zien, ontstaan er creatieve oplossingen die economisch en ecologisch zinvol zijn. Het zijn uiteindelijk de oceanen die we moeten herstellen — de kwallen vertellen ons alleen het verhaal.
Lokale observaties in Nederland
De kwallentoename is ook in Nederland meetbaar. Het NIOZ (Koninklijk Nederlands Instituut voor Onderzoek der Zee) vangt al ruim vijftig jaar dagelijks kwallen in een fuik in het Marsdiep bij Texel. Die reeks laat vooral zien dat verschillende soorten eerder in het jaar verschijnen, door warmer zeewater in de winter, terwijl de soortensamenstelling en de volgorde van het seizoen gelijk bleven. Nieuwkomers zoals de Japanse kruiskwal duiken vooral op in de Zeeuwse wateren. Het is een ontwikkeling die nauwlettend wordt gevolgd door zowel wetenschappers als lokale overheden.